ECLI:NL:RBDHA:2020:14701
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na vertrek uit Nederland en asielaanvraag in België
Eiseres, van Sri Lankaanse nationaliteit, had een verzoek tot uitstel van vertrek ingediend dat door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen. Tegen dit besluit stelde zij beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 17 september 2020 was eiseres niet aanwezig en werd zij vertegenwoordigd door haar gemachtigde.
De rechtbank wees het verzoek om vrijstelling van griffierecht toe vanwege betalingsonmacht. Vervolgens onderzocht de rechtbank of eiseres nog procesbelang had bij het beroep. Uit het verweerschrift en de zitting bleek dat eiseres op 13 februari 2020 in België asiel had aangevraagd, Nederland een claimakkoord met België had gesloten en dat zij sinds april 2020 geen contact meer had met haar gemachtigde. Tevens was zij mogelijk teruggekeerd naar Sri Lanka.
De rechtbank stelde vast dat eiseres geen concreet procesbelang meer had omdat zij Nederland had verlaten en geen contact meer onderhield met haar gemachtigde, hetgeen in lijn is met jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.