ECLI:NL:RBDHA:2020:1472
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Korting op salaris bewindvoerder wegens onvoldoende verslaglegging in schuldsaneringsregeling
De rechtbank Den Haag behandelde een zaak over de vergoeding van een bewindvoerder in een schuldsaneringsregeling. De bewindvoerder bracht in de periode van 8 februari 2017 tot 15 augustus 2019 geen vier verplichte openbare verslagen uit, wat een wettelijke verplichting is volgens artikel 318 van Pro de Faillissementswet. De rechtbank had eerder de beslissing over de vergoeding aangehouden en vroeg advies aan de rechter-commissaris, die een korting van €100 per ontbrekend verslag adviseerde.
De bewindvoerder stelde dat zij wel alle controles had uitgevoerd, regelmatig contact had met schuldenaar en schuldeisers, en dat het ontbreken van verslagen geen nadelige gevolgen had gehad. Zij verzocht de rechtbank geen korting toe te passen en wees erop dat de rechtbank ook een herinnering had kunnen sturen bij het ontbreken van verslagen.
De rechtbank oordeelde dat de bewindvoerder tekort was geschoten in haar wettelijke verslagleggingsplicht en dat deze verplichting niet bij de rechter-commissaris gelegd kan worden. Hoewel vergissingen mogelijk zijn, rechtvaardigt dit niet het niet uitbrengen van verslagen. Daarom werd het salaris van de bewindvoerder met €400 (inclusief btw) gekort, wat resulteerde in een vergoeding van €2.884,96.
Uitkomst: Het salaris van de bewindvoerder wordt met €400 gekort wegens het niet uitbrengen van vier verplichte verslagen.