Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een asielzoeker tegen de maatregel van bewaring opgelegd door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De bewaring was opgeheven voordat de zaak werd behandeld, waardoor de beoordeling zich beperkte tot de vraag of de tenuitvoerlegging onrechtmatig was en of schadevergoeding moest worden toegekend.
De rechtbank oordeelde dat de bewaring terecht was opgelegd op grond van zware gronden, waaronder het ontbreken van een geldig identiteitsbewijs en het niet voldoen aan een opgelegde meldplicht. Deze gronden waren voldoende om het risico te rechtvaardigen dat de asielzoeker zich aan toezicht zou onttrekken. De overige gronden behoefden geen bespreking meer.
De asielzoeker voerde aan dat een lichter middel passend was vanwege zijn verblijfsvergunning in Italië, het ontbreken van een strafblad, een vast adres en zijn psychische gesteldheid. De rechtbank stelde echter vast dat het verblijfsrecht in Italië niet aannemelijk was gemaakt, dat de asielzoeker geen vaste woonplaats had en dat eerdere lichtere maatregelen niet tot vertrek hadden geleid.
Daarom concludeerde de rechtbank dat de bewaring noodzakelijk was en dat het beroep ongegrond was. Het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.