Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek op de zitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
de auditu-getuige voldoende steunbewijs opleveren. Waarnemingen van getuigen die niet het kernverwijt (bijvoorbeeld seksuele handelingen) bevestigen, kunnen binnen de context van de gebeurtenissen voldoende zelfstandig onderscheidend zijn om (in combinatie met andere omstandigheden) als steunbewijs te kunnen worden aangemerkt. De Hoge Raad vereist niet dat het springende punt zelf steun vindt in ander bewijsmateriaal, maar wel dat de gebruikte verklaring op specifieke punten steun vindt in ander bewijsmateriaal, zodat die verklaring niet ‘op zichzelf staat’, maar als het ware is ingebed in een concrete context die bevestiging vindt uit andere bron.
4.De bewezenverklaring
5. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte
6.De straf
[slachtoffer]een vordering ingediend voor het bedrag van
€ 12.500,00aan immateriële schade (smartengeld), vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
€ 12.500,00,vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
[slachtoffer]toe tot het bedrag van
€ 7.500,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 juni 2011 tot de dag waarop de vordering is betaald, en veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op € 0,00, en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;
€ 7.500,00,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 juni 2011 tot de dag waarop de vordering is betaald, aan de Staat te betalen
ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] ;