Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
https://www.info-coronavirus.be/nl/news/occ3010/
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende vreemdeling, werd op 22 oktober 2020 in bewaring gesteld door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd genomen vanwege het vermoeden dat eiser Nederland niet op voorgeschreven wijze is binnengekomen en het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser betwistte de bewaringsgronden, maar de rechtbank oordeelde dat de gronden onder 3a en 3b voldoende waren onderbouwd. Eiser kon geen geldig identiteitsbewijs overleggen en had zelf verklaard Europa meerdere keren illegaal te zijn binnengekomen. Tevens hield hij zich niet aan vorderingen om te verschijnen bij de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel.
Daarnaast stelde eiser dat er geen redelijk vooruitzicht was op overdracht aan België vanwege Covid-19-maatregelen. De rechtbank vond echter dat België zijn grenzen niet had gesloten conform Europese afspraken en dat de overdracht binnen de wettelijke termijn mogelijk bleef. De mogelijke verplichting tot het overleggen van medische gegevens werd als praktische kwestie gezien die de rechtmatigheid van de bewaring niet aantast.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.