ECLI:NL:RBDHA:2020:14991

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
18 november 2020
Publicatiedatum
17 augustus 2021
Zaaknummer
NL20.18609
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure Braziliaanse verzoekster

Verzoekster, een Braziliaanse vrouw geboren in 1988, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag is door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 21 oktober 2020. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.

Op 13 november 2020 vond de zitting plaats waarbij verzoekster, bijgestaan door haar gemachtigde, en de gemachtigde van verweerder aanwezig waren. De voorzieningenrechter heeft in samenhang met de behandeling van het beroep geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk is, mede omdat op dezelfde dag uitspraak is gedaan in de hoofdzaak.

Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat op dezelfde dag uitspraak is gedaan in de hoofdzaak.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL20.18609

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , verzoekster

V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos),
en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. J.A.C.M. Prins).

Procesverloop

Bij besluit van 21 oktober 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van het beroep (NL20.18608), plaatsgevonden op 13 november 2020. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Als tolk is verschenen M.J. Victor Hugo Magalhaes. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Verzoekster stelt dat zij de Braziliaanse nationaliteit heeft en dat zij is geboren op
[1988] .
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.18608, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, voorzieningenrechter, in aanwezigheid vanmr. S.J. van Ravenhorst, griffier. De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op
18 november 2020 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.