Uitspraak
Rechtbank DEN Haag
[verzoeker] , verzoeker, V-nummer [V-nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
4 augustus 2020; een overzicht van de bezoekers die hij tijdens zijn detentie heeft ontvangen; Skypegesprek aanvragen; een transactieoverzicht; een formulier uitvoer gelden van 14 april 2020; een tweetal overboekingsformulieren van RC naar bankrekening; een bankrekeningoverzicht en bevestigingen van afspraken met het Re-integratiecentrum. Hieruit volgt volgens verzoeker dat hij zelfs tijdens zijn bewaring omgang heeft met het kind en ook financieel betrokken is. Verzoeker wijst ook op de eerder overgelegde foto’s en verklaringen van de moeder en de broer van het kind en betoogt dat hij hiermee het gezinsleven, de omgang met en de zorg voor het kind heeft aangetoond. Hij speelt wel degelijk een rol als vader en ouder van het kind en zorgt ook voor haar broer. Verzoeker overlegt in bezwaar nog twee foto’s. Ten onrechte heeft verweerder volgens verzoeker dan ook geconcludeerd dat geen sprake is van een zodanige afhankelijkheidsrelatie dat het kind gedwongen wordt het grondgebied van de Europese Unie te verlaten. Na de geboorte van het kind hebben verzoeker en haar moeder geruime tijd samen geleefd en ook na verbreking van de relatie met de moeder is de emotionele band tussen verzoeker en het kind in stand gebleven. Verweerder houdt bij zijn beoordeling onvoldoende rekening met de belangen van het kind. Verder is zijn aanvraag ten onrechte afgewezen, omdat hij een gevaar zou vormen voor de openbare orde. Tot slot meent verzoeker dat verweerder een te grote last op hem legt, nu het Unierecht ervoor bedoeld is het verblijf hier te vergemakkelijken en niet om het voor hem moeilijker te maken.