ECLI:NL:RBDHA:2020:14999
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid homoseksuele geaardheid en politieke activiteiten
Eiser diende op 3 oktober 2020 een asielaanvraag in met het argument dat hij vanwege zijn homoseksualiteit en politieke activiteiten in Tanzania problemen zou ondervinden bij terugkeer. Verweerder wees de aanvraag op 22 oktober 2020 af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod van twee jaar op, zonder vertrektermijn.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat eiser zijn homoseksuele geaardheid onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Eiser gaf vaag en oppervlakkig uitleg over zijn gevoelens en relaties, en kon onvoldoende inzicht geven in de persoonlijke betekenis van zijn geaardheid. Ook de door eiser gestelde problemen vanwege zijn politieke activiteiten werden als onvoldoende concreet en geloofwaardig beoordeeld.
Verweerder heeft volgens de rechtbank voldoende rekening gehouden met het cultuurverschil en het niveau van eiser, en heeft adequaat doorgevraagd. Het overgelegde beeldmateriaal kon het gebrek aan diepgang in de verklaringen niet compenseren. Daarnaast werd het ontbreken van reisdocumenten als reden voor afwijzing meegewogen.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard. De rechtbank vond geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen een week hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.