Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [v-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse vreemdeling, is op 10 november 2020 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder heeft dit besluit genomen vanwege een concreet aanknopingspunt voor een overdracht op basis van de Dublinverordening en het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend. Tijdens de zitting op 23 november 2020 heeft eiser aangevoerd dat een lichter middel passend zou zijn, omdat hij bij een vriend kan verblijven die hem ook kan ondersteunen bij het verkrijgen van een verblijfsvergunning en werk.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de belangen van eiser voldoende heeft meegewogen en gemotiveerd waarom bewaring noodzakelijk is. Verweerder heeft onder meer gewezen op het ontbreken van acties van eiser om zijn vertrek voor te bereiden, zijn intentie om overdracht aan Duitsland te vermijden, het ontbreken van middelen om vertrek te faciliteren en het illegaal reizen tussen Europese landen met verschillende personalia.
De rechtbank concludeert dat een lichter middel niet zal leiden tot vrijwillig vertrek en dat het belang van verweerder zwaarder weegt dan dat van eiser. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.