Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [v-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, die de Amerikaanse nationaliteit heeft en een reguliere verblijfsvergunning heeft aangevraagd, werd in bewaring gesteld op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde dat de bewaring in strijd was met de Terugkeerrichtlijn en dat zijn beroep niet tijdig was behandeld. De rechtbank oordeelde dat de Terugkeerrichtlijn niet van toepassing is op personen met rechtmatig verblijf en dat de zitting binnen de wettelijke termijn had plaatsgevonden.
Verweerder beriep zich op het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou ontwijken, onderbouwd met feiten zoals het niet naleven van een vertrekafspraak uit 2014. De rechtbank achtte deze gronden voldoende en verwierp het verweer van eiser. Eiser voerde aan dat een lichter middel zoals meldplicht of enkelband passend zou zijn vanwege zijn mantelzorg voor zijn ernstig zieke partner, maar de rechtbank vond dat verweerder dit terecht niet had toegepast gezien de omstandigheden en het eerdere vertrekverzuim.
De rechtbank concludeerde dat de bewaring noodzakelijk was voor de beoordeling van de verblijfsaanvraag en dat het beroep ongegrond was. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.