ECLI:NL:RBDHA:2020:15201
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening beroepschrift in asielprocedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet-ontvankelijk te verklaren. Het bestreden besluit dateert van 3 juli 2020 en werd op die dag aan de gemachtigde van eiser verzonden.
Eiser diende het beroepschrift pas op 14 juli 2020 in, wat buiten de wettelijke termijn van één week viel. Eiser stelde dat het besluit niet goed was aangekomen en dat hij pas op 14 juli 2020 het besluit ontving, waarna hij direct beroep instelde. De rechtbank stelde vast dat het besluit correct was verzonden en ontvangen op het juiste faxnummer.
De rechtbank oordeelde dat eisers gemachtigde niet aannemelijk had gemaakt dat er redelijkerwijs twijfel kon bestaan over de ontvangst van het besluit. Bovendien was de gemachtigde op 8 juli 2020 al op de hoogte van de strekking van het besluit, maar werd het beroep toch pas op 14 juli 2020 ingediend. De termijnoverschrijding werd daarom niet als verschoonbaar beschouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van het beroepschrift.