Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[minderjarige 1]en
[minderjarige 2],
Procesverloop
Overwegingen
- Identiteit, nationaliteit en herkomst;
- Mishandelingen vanwege de buitenechtelijke zwangerschap.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, van Marokkaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege mishandeling door haar vader en broers in Marokko wegens een buitenechtelijke zwangerschap. Verweerder erkende het geloofwaardige relaas, maar wees de aanvraag af omdat Marokko als veilig land van herkomst wordt beschouwd en eiseres niet aannemelijk maakte dat dit voor haar niet geldt.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende bewijs leverde dat de Marokkaanse autoriteiten haar geen bescherming kunnen bieden tegen mishandeling, zoals vereist onder artikel 3 EVRM Pro. Daarnaast werd vastgesteld dat de tweeling van eiseres de Marokkaanse nationaliteit bezit, waardoor terugkeer naar Marokko niet wordt belemmerd.
Ook de stellingen omtrent de echtgenoot en de dochter van eiseres werden door de rechtbank niet gevolgd, omdat verweerder aannemelijk maakte dat toegang tot Marokko mogelijk is en dat de nationaliteit van de dochter kan worden geregeld.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit niet onrechtmatig is en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.