ECLI:NL:RBDHA:2020:1601
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen verblijfsaanvraag wegens niet betalen leges
Verzoeker, een Nigeriaanse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning vanwege schrijnende omstandigheden. Verweerder nam de aanvraag niet in behandeling omdat verzoeker de leges niet had betaald en geen vrijstelling kon aantonen. Verzoeker vroeg om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat op bezwaar was beslist.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker geen inkomen of vermogen heeft en daarom in aanmerking komt voor vrijstelling van griffierecht. Verzoeker voerde aan dat hij niet kon betalen en dat er sprake was van schrijnende omstandigheden, waaronder ernstige medische problemen. Verweerder had nagelaten verzoeker te informeren over ontbrekende medische stukken die nodig waren voor een advies van het Bureau Medische Advisering (BMA).
De voorzieningenrechter stelde vast dat verweerder niet voldeed aan de werkinstructie SUA door verzoeker niet de mogelijkheid te bieden ontbrekende informatie aan te leveren. Hierdoor kon het BMA geen advies uitbrengen. Gezien deze tekortkoming en de medische situatie van verzoeker, werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en het bestreden besluit geschorst. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en het bestreden besluit geschorst.