ECLI:NL:RBDHA:2020:2068
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.Th.W. van Ravenstein
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg bij schizofrenie
De rechtbank Den Haag behandelde op 17 februari 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Betrokkene, een vrouw geboren in 1969, lijdt aan schizofrenie en vertoont ernstig nadeel door haar psychische stoornis, waaronder levensgevaar en agressief gedrag.
De rechtbank nam kennis van medische verklaringen, zorgplannen en rapportages, waaronder een medische verklaring van een psychiater die betrokkene onderzocht. Betrokkene was deels vrijwillig opgenomen maar toonde onvoldoende herstel en religieuze wanen. Er was tevens sprake van schildklierproblemen, waarvoor medische controles noodzakelijk zijn.
De rechtbank oordeelde dat er geen minder bezwarende alternatieven voor verplichte zorg beschikbaar zijn en dat de voorgestelde zorgmaatregelen proportioneel en effectief zijn. Daarom werd de zorgmachtiging verleend voor zes maanden, met verplichte medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, toezicht en opname in een accommodatie.
De beschikking is uitgesproken door rechter J.Th.W. van Ravenstein en griffier F.A.M. Vreeswijk en schriftelijk vastgesteld op 4 maart 2020. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg aan betrokkene voor zes maanden.