ECLI:NL:RBDHA:2020:2140
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van BPM-heffing en hoorplicht bij registratie margeauto met correctie ex-rental
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de BPM-heffing bij de registratie van een BMW 520i, berekend aan de hand van de koerslijst van X-ray voor margeauto’s met een correctie voor ex-rentals. Zij stelde dat de BPM verminderd moest worden en dat de hoorplicht was geschonden.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet is geslaagd in haar bewijslast om een lagere BPM aan te tonen. Verweerder had meerdere concrete data voor hoorgesprekken aangeboden, maar het hoorgesprek is door eiseres geannuleerd zonder alternatieven aan te dragen, waardoor geen schending van de hoorplicht is vastgesteld.
Verder is geoordeeld dat de voorafgaande betaling van BPM niet in strijd is met het Unierecht, mede omdat rekening wordt gehouden met een termijn tussen aangifte en registratie en een leeftijdskorting. Eventuele renteschade moet door eiseres civielrechtelijk worden opgeëist.
De rechtbank verwierp ook het verzoek om prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie te stellen en oordeelde dat het griffierecht geen belemmering vormde voor toegang tot de rechter. Het beroep is ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de BPM-heffing wordt ongegrond verklaard en de heffing bevestigd.