ECLI:NL:RBDHA:2020:2215

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 februari 2020
Publicatiedatum
13 maart 2020
Zaaknummer
AWB 19/8008
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard wegens niet verschijnen bij ambassade-interview in nareisprocedure

Eiseres, een Syrische jongvolwassene, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot afwijzing van haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De moeder van eiseres heeft een verblijfsvergunning asiel gekregen, en eiseres viel in beginsel onder het jongvolwassenenbeleid.

De staatssecretaris heeft nader onderzoek gedaan naar de feitelijke gezinsband en eiseres uitgenodigd voor een interview op de ambassade in Beiroet. Eiseres is niet verschenen, waardoor niet kon worden vastgesteld of de gezinsband bestond of verbroken was. Tevens ontbrak een geldige antecedentenverklaring.

Namens eiseres is bevestigd dat zij enige tijd vermist was, wat het niet verschijnen verklaart. De rechtbank oordeelt dat het niet verschijnen terecht heeft geleid tot de afwijzing van het bezwaar en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens het niet verschijnen bij het interview op de ambassade.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummer: AWB 19/8008
V-nummer: [nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiseres,
gemachtigde: mr. R. Deniz,
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
gemachtigde: mr. J.M.M. van Gils.

Procesverloop

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 3 oktober 2019 (het bestreden besluit).
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De behandeling van het beroep heeft plaatsgevonden op 17 januari 2020, tezamen met de behandeling van de zaken AWB 19/8007 en AWB 19/8009. Eiseres en verweerder hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden. Tevens was aanwezig [naam 2] (referente).

Overwegingen

1. Eiseres is geboren op [geboortedatum] en heeft de Syrische nationaliteit. De moeder van eiseres (referente) heeft op 26 september 2017 een verblijfsvergunning asiel gekregen. Op 13 maart 2018 heeft referente namens eiseres een aanvraag ingediend om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. [1] Bij besluit van 30 maart 2018 heeft verweerder deze aanvraag afgewezen. Eiseres heeft daartegen bezwaar gemaakt.
2. Bij het bestreden besluit heeft verweerder het bezwaar ongegrond verklaard. Naar aanleiding van wat in bezwaar is aangevoerd, heeft verweerder geconcludeerd dat eiseres in beginsel onder het zogenaamde jongvolwassenenbeleid valt. Verweerder zag daarom aanleiding om nader onderzoek te doen naar de feitelijke gezinsband tussen referente en eiseres. Op 25 maart 2019 heeft verweerder referente gehoord. Eiseres is uitgenodigd voor een interview op de ambassade in Beiroet, maar zij is daar niet verschenen. Verweerder heeft daarom niet kunnen vaststellen of er sprake is van een feitelijke gezinsband, of dat deze is verbroken. Daarnaast heeft verweerder erop gewezen dat een geldige, door eiseres ondertekende, antecedentenverklaring ontbreekt.
3. Namens eiseres is in beroep bevestigd dat zij enige tijd, ongeveer twee maanden, vermist is geweest. Om die reden is zij niet verschenen bij het interview. Dit betekent dat verweerder in het bestreden besluit terecht heeft geconcludeerd dat niet kan worden vastgesteld of er sprake is van een feitelijke gezinsband en het bezwaar terecht ongegrond heeft verklaard. Overigens is ter zitting gebleken dat eiseres op dit moment opnieuw vermist wordt.
4. Het beroep is ongegrond.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C.J. van Dooijeweert, rechter, in aanwezigheid van mr. A.A. Dijk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 februari 2020.
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen vier weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Voetnoten

1.Referente heeft ook namens haar twee zoons mvv-aanvragen ingediend, zie daarvoor de uitspraken van de rechtbank van vandaag in de zaken met nummers AWB 19/8007 en AWB 19/8009.