De officier van justitie verzocht op 28 februari 2020 om een zorgmachtiging voor betrokkene, een vrouw met schizofrenie, die op 3 maart 2020 op basis van een crisismaatregel werd opgenomen. Tijdens de zitting op 6 maart 2020 werd ook het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel behandeld en toegewezen.
Betrokkene en haar advocaat stelden zich op het standpunt dat opname zonder behandeling onvoldoende is en dat het verzoek niet aan de vereisten voldoet. De behandelend arts bevestigde dat betrokkene psychotisch is, medicatie weigert en weinig coöperatief is.
De rechtbank concludeerde dat hoewel verplichte zorg noodzakelijk is vanwege ernstig nadeel door de psychische stoornis, alleen opname in een accommodatie zonder aanvullende vormen van verplichte zorg niet afdoende is. De medische verklaring, opgesteld door een onafhankelijke psychiater, onderbouwde alleen opname als noodzakelijke maatregel. De rechtbank oordeelde dat een zorgmachtiging zonder behandeling niet effectief en niet evenredig is en wees het verzoek af.