Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
18 maart 2020 in de zaken tussen
[eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres(gemachtigde: [gemachtigde] ),
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
De bestreden uitspraken op bezwaar
Zitting
Beslissing
- verklaart het beroep tegen de navorderingsaanslag IB/PVV 2014 gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar tegen de navorderingsaanslag IB/PVV 2014;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2014 tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 7.330 en een belastbaar bedrag uit sparen en beleggen van € 24.173 en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van die uitspraak op bezwaar;
- vermindert de belastingrentebeschikking bij de navorderingsaanslag IB/PVV 2014 dienovereenkomstig;
- verklaart het beroep tegen de aanslag IB/PVV 2015 ongegrond;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.050;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 47 aan eiseres te vergoeden.