ECLI:NL:RBDHA:2020:2786
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij niet tijdig besluit verblijfsgerechtigde vreemdeling
Eiser heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op zijn aanvraag van 11 september 2019 om toetsing van het EU-recht.
De rechtbank heeft verweerder verzocht te reageren op de vraag of de beslistermijn was verstreken. Verweerder reageerde dat de termijn van zes maanden, zoals bepaald in artikel 8.13, vijfde lid van het Vreemdelingenbesluit 2000 en artikel 10 van Pro Richtlijn 2004/38/EG, nog niet was verstreken op het moment van ingebrekestelling.
De rechtbank overweegt dat een prematuur ingestelde ingebrekestelling niet kan worden aangemerkt als een geldige ingebrekestelling in de zin van artikel 6:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Hierdoor is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter J.L.E. Bakels op 30 maart 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingestelde ingebrekestelling.