ECLI:NL:RBDHA:2020:3020
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting langdurig verblijvende kinderen
Verzoekers, langdurig verblijvende kinderen van onbekende nationaliteit, hadden bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van hun aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier op grond van de afsluitingsregeling. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, had het primaire besluit genomen tot afwijzing en oplegging van een inreisverbod van twee jaar.
Verzoekers vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening die de uitzetting zou verbieden totdat op het bezwaar was beslist. Verweerder verzette zich niet tegen dit verzoek. De voorzieningenrechter besloot daarom het verzoek toe te wijzen en verbood de uitzetting tot vier weken na de beslissing op het bezwaar.
Daarnaast werd verweerder opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden en werd hij veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoekers, die een toevoeging hadden ontvangen. De uitspraak werd gedaan zonder openbare zitting vanwege de coronamaatregelen en is onherroepelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting van verzoekers wordt verboden tot vier weken na beslissing op bezwaar.