ECLI:NL:RBDHA:2020:3110
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening terugbetalingsregeling DUO-lening wegens onvoldoende spoedeisend belang
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 januari 2020, waarin is vastgesteld dat verzoeker zijn lening vanaf 1 juli 2020 in maandelijkse termijnen van € 83,35 aan DUO moet terugbetalen. Verzoeker verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om deze terugbetaling op te schorten.
De minister stelde dat het bezwaar niet-ontvankelijk is omdat het besluit geen nieuwe rechtsgevolgen heeft ten opzichte van een eerder besluit van 28 mei 2019. Verzoeker stelde dat hij gerechtvaardigd vertrouwen had dat bezwaar mogelijk was en dat het rechtszekerheidsbeginsel geschonden werd doordat niet duidelijk was welke rechten hij had.
De voorzieningenrechter overwoog dat er onvoldoende spoedeisend belang was bij het verzoek om voorlopige voorziening. De enkele omstandigheid dat verzoeker niet bekend was met de mogelijkheid van een draagkrachtmeting, waarbij de terugbetalingsverplichting op nihil kan worden gesteld, was onvoldoende om de voorziening toe te wijzen. Verzoeker kan immers een dergelijk verzoek bij DUO indienen.
De voorzieningenrechter wees het verzoek daarom af. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.