ECLI:NL:RBDHA:2020:320
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar na bereiken AOW-leeftijd met toepassing gedragslijn
Eiser, sinds 1982 werkzaam bij de Nationale Politie, bereikte op 24 september 2016 de AOW-gerechtigde leeftijd. Verweerder besloot hem per 1 maart 2018 eervol te ontslaan op grond van artikel 94, eerste lid, aanhef en onder h, van het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). Eiser stelde dat ontslag na het bereiken van de AOW-leeftijd niet mogelijk is en dat verweerder hem onvoldoende had geïnformeerd over de gevolgen hiervan.
De rechtbank overweegt dat de ontslagbepaling een discretionaire bevoegdheid geeft aan de werkgever en dat het ontslag na de AOW-leeftijd mogelijk is. Verweerder hanteert een gedragslijn die terughoudendheid voorschrijft bij het toestaan van doorwerken na de AOW-leeftijd, waarbij belangenafwegingen worden gemaakt. Hoewel verweerder heeft nagelaten eiser tijdig te informeren, mocht hij alsnog volgens deze gedragslijn een belangenafweging maken.
Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hem een onvoorwaardelijke toezegging is gedaan om tot zijn zeventigste te mogen doorwerken. Verweerder heeft de belangen zorgvuldig afgewogen en het ontslagbesluit gemotiveerd genomen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het ontslag na het bereiken van de AOW-leeftijd wordt ongegrond verklaard.