Eiseres heeft bij het UWV een aanvraag ingediend voor een 5-deursbruikleenauto als vervoersvoorziening vanwege haar medische beperkingen en de noodzaak om een kinderwagen te vervoeren. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard, stellende dat de huidige 3-deursbruikleenauto voldoet als de goedkoopste adequate voorziening voor het woon-werkverkeer.
De rechtbank heeft het beroep van eiseres tegen dit besluit behandeld. Eiseres voerde aan dat de kinderwagen niet in de kofferbak past en het inladen op de achterbank haar door haar gezondheidstoestand veel moeite kost, wat een gevaarlijke situatie oplevert. Verweerder baseerde zich op een arbeidsdeskundig rapport waarin werd geconcludeerd dat de kinderwagen door het neerklappen van de achterbank in de auto past en dat de voorziening uitsluitend bedoeld is voor woon-werkverkeer.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat de 3-deursauto de goedkoopste adequate voorziening is en dat eiseres de medische noodzaak voor een 5-deursauto niet aannemelijk heeft gemaakt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Tevens is het beroep tegen het besluit van 16 oktober 2019 aangemerkt als bezwaarschrift en doorgezonden naar verweerder voor verdere behandeling.