ECLI:NL:RBDHA:2020:4518
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-behandeling asielaanvraag wegens tijdelijke opschorting overdracht naar Italië
Eiser, een Gambiaanse asielzoeker, diende op 14 december 2019 een asielaanvraag in. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Italië verantwoordelijk was voor de behandeling op grond van het Dublin-verdrag. Verweerder had een terugnameverzoek ingediend bij Italië, dat niet tijdig reageerde, waardoor Italië als verantwoordelijke lidstaat werd vastgesteld.
Eiser voerde aan dat verweerder de behandeling van zijn aanvraag aan zich had moeten trekken vanwege de opschorting van overdrachten naar Italië door het coronavirus en de grote hoeveelheid vreemdelingen die aan Italië moesten worden overgedragen. Tevens stelde hij dat er een reëel risico bestond op detentie met verhoogd besmettingsgevaar na overdracht.
De rechtbank oordeelde dat de opschorting een tijdelijk feitelijk overdrachtsbeletsel vormt en dat dit de vaststelling van Italië als verantwoordelijke lidstaat niet onrechtmatig maakt. Daarom hoefde verweerder de aanvraag niet in behandeling te nemen. Het betoog over het verhoogde besmettingsrisico was onvoldoende onderbouwd. Het beroep werd ongegrond verklaard en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.