ECLI:NL:RBDHA:2020:5011
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij opschorting en intrekking bijstandsrecht wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Verzoeker heeft bijstand ontvangen op grond van de Participatiewet. Verweerder heeft het recht op bijstand van verzoeker per 1 februari 2020 opgeschort wegens het niet aanleveren van gevraagde documenten en daarna ingetrokken omdat verzoeker ook na een hersteltermijn niet alle gevraagde gegevens heeft verstrekt.
Verzoeker stelt dat hij zich coöperatief heeft opgesteld en dat hij door de coronamaatregelen niet tijdig documenten kon aanleveren. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker wel op de afspraak is verschenen maar niet alle gevraagde stukken heeft overgelegd en dat het verzoek tot verlenging van de hersteltermijn te laat is ingediend.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verweerder bevoegd was tot opschorting en intrekking en dat hij deze bevoegdheid redelijk heeft uitgeoefend. Hoewel het besluit tot intrekking een motiveringsgebrek bevat, kan dit in bezwaar worden hersteld. Er is geen aanleiding om voorlopige voorzieningen te treffen, zodat de verzoeken worden afgewezen.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen opschorting en intrekking van het recht op bijstand worden afgewezen.