ECLI:NL:RBDHA:2020:5050
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorrangsverklaring woningzoekende wegens onvoldoende reactie op woningaanbod en niet voldoen mantelzorgcriteria
Eiseres heeft op 27 februari 2019 een voorrangsverklaring aangevraagd omdat zij ernstig mishandeld zou zijn door haar partner en daardoor dakloos is geworden. Zij heeft gezondheidsproblemen en is afhankelijk van mantelzorg door haar kinderen. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen omdat eiseres niet adequaat heeft gereageerd op aangeboden seniorenwoningen en naar verwachting binnen drie maanden passende woonruimte kan krijgen.
In bezwaar en beroep heeft eiseres aangevoerd dat zij dicht bij haar mantelzorgers wil wonen en dat zij ten onrechte als doorstromer stond ingeschreven. Verweerder handhaafde het besluit en stelde dat eiseres niet voldeed aan de mantelzorgvoorwaarden uit de Huisvestingsverordening Den Haag 2015-2019.
De rechtbank oordeelt dat verweerder zich redelijk heeft opgesteld en dat eiseres onvoldoende heeft onderbouwd waarom zij niet op het woningaanbod kon reageren. Ook heeft zij geen geldige verklaring van het WMO-loket overgelegd die voldoet aan de mantelzorgcriteria. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een voorrangsverklaring wordt ongegrond verklaard.