ECLI:NL:RBDHA:2020:5429
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig besluit op asielaanvraag en oplegging dwangsom
Eiser heeft op 30 april 2019 een asielaanvraag ingediend. De beslistermijn van zes maanden eindigde op 30 oktober 2019, maar verweerder heeft tot op heden geen besluit genomen. Eiser stelde verweerder op 24 februari 2020 in gebreke en diende vervolgens beroep in tegen het niet tijdig nemen van het besluit.
De rechtbank stelt vast dat het beroep gegrond is omdat nog geen beslissing is genomen. Gezien de capaciteitsproblemen bij verweerder en de impact van het coronavirus acht de rechtbank een verlenging van de beslistermijn gerechtvaardigd en legt een termijn van zestien weken na verzending van het vonnis op.
Daarnaast bepaalt de rechtbank dat verweerder een dwangsom van €100 per dag verbeurt bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €7.500. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €262,50.
De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen. De uitspraak is gedaan door rechter A.P. Hameete en griffier M.M. Mercelina, en is voorlopig niet openbaar uitgesproken vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, verweerder moet binnen zestien weken een besluit nemen en verbeurt een dwangsom bij overschrijding.