Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
[slachtoffer], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
Rechtbank Den Haag
Op 19 december 2019 heeft verdachte met een mes het slachtoffer in de hals en linker kaak gestoken, wat leidde tot verwondingen. De rechtbank kwalificeerde dit als poging tot doodslag en verwierp het beroep op noodweer en noodweerexces. Diverse getuigen verklaarden dat verdachte met een groot mes naar het portiek van het slachtoffer ging en daar direct aanviel.
De verdachte stelde dat het slachtoffer het mes uit de keuken pakte en zichzelf verwondde tijdens een worsteling, maar de rechtbank achtte de verklaringen van getuigen en het bewijs overtuigend dat verdachte de aanvaller was. Verdachte werd veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest.
Daarnaast legde de rechtbank een maatregel op ex artikel 38v Sr, waarbij verdachte zich drie jaar lang moet onthouden van contact met het slachtoffer, met directe uitvoerbaarheid en vervangende hechtenis bij overtreding. De benadeelde partij kreeg deels schadevergoeding toegewezen van €2.187,50 plus wettelijke rente. De rechtbank gelastte ook de teruggave van in beslag genomen handschoenen aan verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf en drie jaar contactverbod wegens poging tot doodslag met mes.