ECLI:NL:RBDHA:2020:5963
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens vertraagde besluitvorming
Verzoeker is op 2 april 2020 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Nadat het beroep was ingesteld, heeft verweerder alsnog op 26 mei 2020 een beslissing genomen. Verzoeker heeft daarop het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van zijn proceskosten.
De rechtbank overweegt dat verweerder de proceskosten moet vergoeden omdat de beslissing pas na het instellen van het beroep is genomen, waardoor de overschrijding van de beslistermijn is komen vast te staan. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener heeft ingeschakeld, wordt een vast bedrag toegekend. Vanwege de beperkte aard van het geschil wordt dit bedrag met een wegingsfactor van 0,5 verminderd.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van €262,50 aan verzoeker. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier M. Bos, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Verzet tegen deze uitspraak is binnen zes weken mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €262,50 aan proceskosten aan verzoeker.