ECLI:NL:RBDHA:2020:6456
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlening zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
De rechtbank Den Haag behandelde op 3 juli 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1998. Betrokkene lijdt aan neurobiologische ontwikkelingsstoornissen, waaronder een autisme-spectrumstoornis, en bipolaire stemmingsstoornissen, die leiden tot ernstig nadeel zoals lichamelijk letsel, psychische schade en maatschappelijke teloorgang.
Uit de medische verklaringen, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur blijkt dat betrokkene zorg nodig heeft om zijn geestelijke gezondheid te stabiliseren. Vrijwillige zorg is niet mogelijk gebleken. Betrokkene verblijft momenteel in een accommodatie en zal worden overgeplaatst naar het Leo Kannerhuis in Arnhem, gespecialiseerd in jongvolwassenen met autisme.
De rechtbank acht de voorgestelde vormen van verplichte zorg proportioneel, noodzakelijk en effectief. Deze omvatten onder meer medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen en opname in een accommodatie. De machtiging geldt tot en met 18 december 2020. Het verzoek tot meer of andere zorg is afgewezen. De beschikking is openbaar uitgesproken en schriftelijk vastgesteld op 10 juli 2020.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg tot en met 18 december 2020.