ECLI:NL:RBDHA:2020:6945
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid
Verzoekster heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot uitzetting. Tegelijkertijd verzocht zij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat de uitzetting zou worden opgeschort totdat op het beroep was beslist.
De rechtbank heeft het beroep van verzoekster ongegrond verklaard. Vervolgens heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld en geconcludeerd dat het verzoek niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van connexiteit met het lopende beroepschrift.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter M. van Nooijen en griffier S.S.J. van Kooij op 24 juli 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbesluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van connexiteit.