ECLI:NL:RBDHA:2020:6948
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vervallen verklaring schriftelijke aanwijzing en wijziging zorgregeling voor minderjarige
De vader verzocht de kinderrechter om een schriftelijke aanwijzing van de gecertificeerde instelling te laten vervallen en de zorgregeling zodanig te wijzigen dat hij onbegeleid bezoek met zijn minderjarige kind mocht hebben. De schriftelijke aanwijzing was gegeven om de omgang te beperken tot begeleide bezoeken onder regie van de gecertificeerde instelling, mede vanwege zorgen over de veiligheid en opvoedkundige omstandigheden.
De kinderrechter overwoog dat de beschikking van 24 december 2019 de omgang tussen vader en kind als begeleid onder regie van de gecertificeerde instelling had vastgesteld, en dat deze instelling bevoegd was om de omgang via een schriftelijke aanwijzing aan te passen. Er was geen sprake van een formele zorgregeling die onbegeleid contact toestond.
Hoewel de ouders inmiddels een betere verstandhouding hebben en een familieplan hebben opgesteld, zijn de veranderingen nog te pril en onzeker om onbegeleid contact toe te staan. De agressieregulatieproblematiek van de vader leidt tot spanningen tijdens bezoeken, waardoor het belang van het kind bij begeleide omgang blijft gewaarborgd.
De kinderrechter wees daarom het verzoek tot vervallen verklaring van de schriftelijke aanwijzing en het verzoek tot wijziging van de zorgregeling af. De beslissing werd mondeling gegeven op 1 juli 2020 en schriftelijk vastgesteld op 21 juli 2020.
Uitkomst: Het verzoek tot vervallen verklaring van de schriftelijke aanwijzing en wijziging van de zorgregeling naar onbegeleid bezoek wordt afgewezen.