ECLI:NL:RBDHA:2020:6986
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting van inbewaringstelling wegens frontotemporale lobaire degeneratie
De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot voortzetting van de inbewaringstelling van een cliënt met de diagnose frontotemporale lobaire degeneratie. De cliënt verblijft in een verpleeghuis na escalatie van de thuissituatie waarbij hij fysiek geweld gebruikte tegen zijn vrouw en dochter.
Tijdens de zitting, die telefonisch plaatsvond vanwege COVID-19 maatregelen, werd vastgesteld dat het ernstig nadeel voor de omgeving en cliënt zelf voortkomt uit zijn psychogeriatrische aandoening. De advocaat van de cliënt voerde aan dat onvoldoende bewijs was voor de diagnose en verzocht afwijzing of aanhouding voor een second opinion. De arts-assistent bevestigde de diagnose en de ernst van het gedrag.
De rechtbank oordeelde dat het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel en psychische schade, voldoende is aangetoond en dat voortzetting van de inbewaringstelling noodzakelijk is om dit te voorkomen. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De machtiging wordt verleend voor zes weken tot 31 augustus 2020.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken wegens ernstig nadeel door frontotemporale lobaire degeneratie.