ECLI:NL:RBDHA:2020:7007
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij opschorting bijstandsuitkering
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Intergemeentelijke Sociale Dienst Bollenstreek (ISD) tot opschorting van zijn bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet. Vervolgens heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om de opschorting ongedaan te maken.
De ISD heeft echter op 1 juli 2020 de bijstandsuitkering volledig uitbetaald, waarmee de opschorting feitelijk is opgeheven. De rechtbank heeft verzoeker een intrekkingsverklaring toegezonden, maar verzoeker heeft geweigerd het verzoek in te trekken en een motivatie gegeven.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen bij onverwijlde spoed, en dat in deze zaak geen spoedeisend belang meer aanwezig is nu de uitkering is betaald. Daarom wijst de rechtbank het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de bijstandsuitkering inmiddels volledig is uitbetaald en geen spoedeisend belang meer bestaat.