Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
- het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] , mede namens [naam bedrijf 1] , van de politie Eenheid Den Haag, nr. PL1500-2020039100-1, van 8 februari 2020, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar, met de daarbij behorende bijlagen (p. 23 t/m 29);
- het proces-verbaal onderzoek pepperspray van 17 februari 2020, p. 94-96;
- het proces-verbaal onderzoek pepperspray van 17 februari 2020, p. 94-96;
- de bekennende verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 30 juli 2020.
nadathij de aangever had geduwd, heeft gevraagd naar waardevolle goederen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte ten tijde van de duw al het oogmerk had om de diefstal mogelijk te maken dan wel te vergemakkelijken.
met het oogmerkom de diefstal mogelijk dan wel gemakkelijk te maken. De rechtbank zal de verdachte dan ook vrijspreken van het bestanddeel geweld en bedreiging met geweld.
toebehorendeaan [naam bedrijf 1] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan van geweld tegen [slachtoffer 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, door pepperspray in het gezicht van voornoemde [slachtoffer 1] te spuiten;
toebehorendeaan [slachtoffer 2] en [naam bedrijf 2] ., heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak;
eenbetaalautomaat heeft weggenomen geldbedragen, toebehorende aan [slachtoffer 2] , waarbij verdachte de weg te nemen goederen onder
zijnbereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel door met een bankpas waartoe verdachte niet gerechtigd was,
bij eenbetaalautomaat geldbedragen te pinnen, ten gevolge waarvan genoemde geldbedragen van de rekening van voornoemde [slachtoffer 2] werden afgeschreven;
toebehorendeaan [slachtoffer 4] , heeft weggenomen met het oogmerk om zich
dezewederrechtelijk toe te eigenen en zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van verbreking;
toebehorendeaan [slachtoffer 5] en/of [naam winkel] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen welke diefstal werd voorafgegaan van geweld tegen [slachtoffer 5] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, door tweemaal pepperspray in het gezicht van die [slachtoffer 5] te spuiten.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen / de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (VIER) jaren;
groot één jaar, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde: