ECLI:NL:RBDHA:2020:7749
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking ontheffing sluitingstijd horeca wegens overtreding Covid-19 maatregelen
Verzoekster, ’t Zeepaardje B.V., kreeg per 21 juli 2020 de ontheffing van de sluitingstijd voor haar horecagelegenheid ingetrokken door de burgemeester van Noordwijk vanwege overtredingen van de Covid-19 Noodverordening en de aan de ontheffing verbonden voorwaarden.
De overtredingen betroffen onder meer dansende bezoekers, het niet naleven van de 1,5 meter afstand en het niet gescheiden binnen- en buitengaan van bezoekers tijdens de weekenden van 10-11 en 17-18 juli 2020, ondanks een eerdere waarschuwing op 9 juli 2020. Verzoekster betwistte de bevoegdheid van de burgemeester en stelde dat handhaving alleen via de voorzitter van de Veiligheidsregio en door middel van een last onder dwangsom of boete mocht plaatsvinden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) tot intrekking van de ontheffing en dat de overtredingen voldoende grond vormden. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het belang van de volksgezondheid zwaarder woog dan het financiële belang van verzoekster, en er geen sprake was van een onredelijke of onrechtmatige besluitvorming.
Tenslotte wees de voorzieningenrechter erop dat verzoekster na intrekking opnieuw een ontheffing kan aanvragen en dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slaagt omdat geen sprake is van vergelijkbare gevallen zonder rechtvaardiging.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de ontheffing van de sluitingstijd wordt afgewezen.