ECLI:NL:RBDHA:2020:7849
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning van bijstand na intrekking bezwaar en beroep tegen afwijzing Participatiewet
Eiseres diende een aanvraag in voor bijstand op grond van de Participatiewet, welke door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aanvankelijk werd afgewezen bij besluit van 25 april 2019. Na een ongegrond verklaard bezwaar op 19 augustus 2019 startte eiseres een beroepsprocedure tegen dit besluit.
Tijdens de procedure gaf verweerder op 27 maart 2020 aan de afwijzingsgrond niet langer te handhaven en de aanvraag opnieuw te zullen beoordelen. De rechtbank besloot de zaak aan te houden in afwachting van een nieuwe beslissing. Vervolgens wees verweerder op 15 mei 2020 opnieuw een afwijzing toe, waarop eiseres het beroep introk en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aan het beroep tegemoet was gekomen en kende de proceskostenvergoeding toe van € 1575,- voor rechtsbijstand, alsmede het griffierecht van € 47,-. De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 16 juli 2020 door rechter O.M. Harms.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres.