ECLI:NL:RBDHA:2020:8000
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank overweegt dat uit het Eurodac-systeem blijkt dat eiser in Spanje een asielaanvraag heeft ingediend, hetgeen eiser niet aannemelijk heeft kunnen weerleggen. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt ten opzichte van Spanje, en eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat dit in zijn geval niet zou gelden.
Eiser stelde dat de omstandigheden in Spanje, mede door de coronacrisis, zodanig zijn dat overdracht onaanvaardbaar is. De rechtbank acht deze stellingen onvoldoende onderbouwd met medische stukken of bewijs van structurele tekortkomingen in de opvang en zorg.
De rechtbank concludeert dat de Staatssecretaris terecht heeft geoordeeld dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die toepassing van artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening rechtvaardigen. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier T.R. Oosterhoff - Vos op 20 juli 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.