Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
Zij heeft verklaard dat zij op een maandag in februari 2019 met de verdachte had afgesproken om haar met haar nieuwe telefoon te helpen. Toen zij in de woning van de verdachte was, draaide hij de deur op slot en deed hij de sleutel in zijn zak. Ze zijn op de bank naast elkaar gaan zitten, toen zij hem haar telefoon gaf. Hij heeft haar telefoon toen op het tafeltje gelegd en gezegd: ‘je bent een bloedgeil wijf’. Hierop heeft [slachtoffer 2] hem bedankt en de telefoon weer aan hem gegeven, zodat hij deze kon maken. De verdachte zei vervolgens tegen haar: ‘Je windt me op’. Vervolgens duwde hij haar en kroop hij met zijn lichaam op haar. De mond van de verdachte kwam bij de mond van [slachtoffer 2] en zij heeft hierop zijn wangen vastgepakt, met haar handpalm om zijn mond heen om duidelijk te maken dat ze niet gezoend wilde worden. Ze heeft hem vervolgens gezegd dat ze voor haar telefoon kwam, en voor niets anders. Hij zei hier niets op terug, maar ging toen met zijn hand onder haar trui. Hij kwam hierbij op het shirt dat zij onder haar trui aan had, en op haar bh, en raakte haar rechterborst aan. Hierop heeft [slachtoffer 2] hem hard geslagen in het gezicht. De verdachte deed toen zijn beide handen om haar nek en kneep behoorlijk hard. Hij heeft hierbij tegen haar gezegd: ‘ik maak je af en ik weet een plekje waar ik je kan dumpen’, ‘je weet niet met wie je te maken hebt’. [slachtoffer 2] verklaarde dat zij rustig is gebleven en uiteindelijk werd de verdachte ook weer rustig. De verdachte heeft haar nog verder geholpen met haar telefoon en zei later: ‘Je moet niet denken dat ik bang ben voor de politie, want ik schiet ze neer, ik heb een pistool, moet ik hem pakken.’ De verdachte vroeg haar of zij hem bij de bushalte kon afzetten en dit heeft ze gedaan. Hierna is ze naar huis gereden. Door al deze dingen die hij heeft gezegd, door wat hij heeft gedaan en de blik in de ogen van de verdachte, is [slachtoffer 2] bang voor de verdachte. Zij noemt de veranderende blik in zijn ogen heel opvallend. Eerst was de verdachte vriendelijk, daarna kwam de agressieve blik in zijn ogen. [6]
met [slachtoffer 1], op
haarlichaam
haarhals vast te pakken en in de hals te knijpen, [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot het ondergaan van een of meer handelingen die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 1] , te weten het brengen en op en neer bewegen van zijn, verdachtes, vinger in de anus en de vagina van [slachtoffer 1] ;
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De oplegging van een straf en maatregel
7.De vorderingen van de benadeelde partijen
8.De in beslaggenomen goederen
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
12 (twaalf) maanden;
6 (zes) maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde:
3 (drie) jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
van 3 (drie) jaren:
[slachtoffer 1], geboren op [geboortedag 2] 1971 te [geboorteplaats 2] );
[slachtoffer 2], geboren op [geboortedag 3] 1967 te [geboorteplaats 3] ;
dadelijke uitvoerbaarheidvan de opgelegde locatie- en contactverboden;