Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 juli 2020 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Centrum Indicatiestelling Zorg, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Afgaande op de rapportage:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft twee aanvragen gedaan voor toegang tot de Wet langdurige zorg (Wlz), beide afgewezen door verweerder op basis van medisch advies dat geen noodzaak tot 24-uurszorg vaststelt. Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen deze besluiten, maar de bezwaren zijn ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het medisch onderzoek als zorgvuldig beoordeeld en geen aanleiding gezien om een onafhankelijk deskundige in te schakelen.
Eiser betwist dat zijn zorgbehoefte planbaar is en stelt dat hij niet zelfstandig hulp kan inroepen, maar de medisch adviseur concludeert dat eiser in staat is om op relevante momenten hulp te vragen en dat de zorgbehoefte niet leidt tot een noodzaak voor continue nabijheid van zorg. Daarnaast is geoordeeld dat de e-mail van eiser geen geldige ingebrekestelling vormt, omdat deze niet duidelijk maant tot het nemen van een besluit.
De rechtbank concludeert dat verweerder tijdig heeft beslist en dat eiser geen zelfstandige gronden heeft aangevoerd tegen de afhandeling van de tweede aanvraag. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de toegang tot de Wet langdurige zorg wordt ongegrond verklaard.