ECLI:NL:RBDHA:2020:8184
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Weigering maatwerkvoorziening beschermd wonen zonder wettelijke grondslag
Eiser, bekend met katatone schizofrenie en psychoses, vroeg een maatwerkvoorziening voor beschermd wonen of ondersteuning op grond van de Wmo 2015. Verweerder wees de aanvraag af op basis van een sociaal medisch advies (SMA) dat behandeling in een GGZ-instelling adviseerde en stelde dat de zorgbehoefte van eiser een behandelingsvraag betrof, geen ondersteuningsvraag.
Eiser voerde aan dat het SMA onzorgvuldig was en dat er wel degelijk sprake was van een ondersteuningsbehoefte. De rechtbank oordeelde dat het SMA zorgvuldig en medisch concludent was opgesteld en dat verweerder het advies mocht betrekken bij zijn besluitvorming. Echter, de rechtbank stelde vast dat de weigering van de maatwerkvoorziening omdat eiser aanspraak kan maken op een voorliggende voorziening (GGZ-behandeling) niet op een wettelijke grondslag berust.
De rechtbank benadrukte dat de Wmo 2015 geen voorschrift bevat dat behandeling moet zijn afgerond voordat een maatwerkvoorziening kan worden toegekend. Omdat het bestreden besluit een motiveringsgebrek vertoont en geen wettelijke grondslag heeft, gaf de rechtbank verweerder de gelegenheid het besluit te herstellen door nader onderzoek te doen naar de ondersteuningsbehoefte van eiser naast zijn zorgbehoefte.
De rechtbank hield verdere beslissingen aan en bepaalde termijnen voor het herstel van het besluit en communicatie aan de rechtbank. Hoger beroep tegen deze tussenuitspraak is nog niet mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en geeft het college de gelegenheid het gebrek in de besluitvorming binnen tien weken te herstellen.