ECLI:NL:RBDHA:2020:8723
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op aftrek specifieke zorgkosten na overlijden erflater
De erven van de overleden belastingplichtige hebben beroep ingesteld tegen de weigering van de Belastingdienst om aftrek van specifieke zorgkosten voor het jaar 2016 toe te staan. De Belastingdienst had de aanslag gehandhaafd omdat geen bewijsstukken zoals facturen of betalingsbewijzen waren overgelegd.
Tijdens het proces heeft de rechtbank vastgesteld dat de erven ondanks meerdere verzoeken geen voldoende onderbouwing van de zorgkosten hebben geleverd. Het door de kantonrechter goedgekeurde bewindverslag kon niet als bewijs dienen omdat de controle door de kantonrechter globaal is en niet specifiek op de zorgkosten inging.
Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat er geen sprake was van een bewuste standpuntbepaling door de Belastingdienst. De rechtbank wees het beroep af maar veroordeelde de Belastingdienst wel tot vergoeding van het betaalde griffierecht vanwege een procedurele tekortkoming.
De uitspraak werd gedaan door rechter J.J. Arts op 9 september 2020 en is in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van de erven op aftrek specifieke zorgkosten wordt ongegrond verklaard.