ECLI:NL:RBDHA:2020:9676
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen crisismaatregel opgelegd door burgemeester Delft afgewezen
Betrokkene stelde beroep in tegen een crisismaatregel die de burgemeester van Delft op 11 februari 2020 tegen haar had opgelegd. Zij voerde aan dat niet was voldaan aan de criteria voor het opleggen van de maatregel, dat zij geen afschrift had ontvangen en dat zij niet op juiste wijze was gehoord. Tevens werd geklaagd over de tijdelijk verleende verplichte zorg.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester terecht kon vertrouwen op de medische verklaring van een onafhankelijke psychiater die stelde dat sprake was van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door een psychische stoornis. Het niet direct verstrekken van een afschrift aan betrokkene leidde niet tot onrechtmatigheid omdat de advocaat en behandelende instelling wel een afschrift ontvingen. Het telefonisch horen van betrokkene werd als voldoende en rechtmatig beoordeeld, mede gezien de crisissituatie en de inzet van de Nationale Hoorservice.
De rechtbank kon geen oordeel geven over de tijdelijk verleende verplichte zorg, waarvoor een aparte klachtprocedure openstaat. Gezien het voorgaande werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de crisismaatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.