Uitspraak
[verzoeker]
mrs. J.F. Rense en E. Neve, Weena 800, 3014 DA te Rotterdam.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker was een van de zeven verdachten in een langlopend en complex opsporingsonderzoek naar mogelijke fraude bij subsidieaanvragen voor innovatieve kassenbouw. Na vrijspraak van alle ten laste gelegde feiten op 6 december 2019, verzocht hij om vergoeding van de kosten van zijn rechtsbijstand.
De rechtbank behandelde het verzoek op 15 september 2020 en nam kennis van het omvangrijke dossier van circa 2500 pagina's. De kosten betroffen werkzaamheden van meerdere raadslieden, waaronder dossieronderzoek, overleg met medeverdedigers, en het bijwonen van zittingen. De officier van justitie stelde een maximale vergoeding van €70.000 voor, vanwege dubbele werkzaamheden en onduidelijkheid over sommige kostenposten.
De rechtbank oordeelde dat gezien de complexiteit en duur van de zaak, de gehanteerde uurtarieven redelijk waren en dat de inzet van meerdere raadslieden billijk was. Overleg met medeverdedigers werd als kostenbesparend gezien. Kosten na het onherroepelijk worden van het vonnis en cateringkosten werden niet vergoed. Uiteindelijk kende de rechtbank een vergoeding van €349.210,36 toe, inclusief een forfaitaire vergoeding voor de procedurekosten.
Uitkomst: De rechtbank kent een schadevergoeding van €349.210,36 toe voor de kosten van rechtsbijstand na vrijspraak.