Uitspraak
[verzoeker] ,
mr. P.C. Verloop, Parklaan 46, 3016 BC te Rotterdam
Rechtbank Den Haag
Verzoeker was verdachte in een fraudeonderzoek en werd op 16 september 2014 voor drie dagen in verzekering gesteld. Tijdens deze periode onderging hij belastende verhoren die hij als zeer belastend ervaarde. Na vrijlating ontwikkelde verzoeker PTSS, wat leidde tot arbeidsongeschiktheid en bijkomende gezondheidsproblemen.
De rechtbank beoordeelde het verzoek tot schadevergoeding ex artikel 533 Sv Pro. Hoewel de rechtbank aannemelijk achtte dat de PTSS-klachten veroorzaakt zijn door de inverzekeringstelling en hebben bijgedragen aan de arbeidsongeschiktheid, concludeerde zij dat de arbeidsongeschiktheid niet uitsluitend hierdoor werd veroorzaakt, maar mede door langdurige stress door het onderzoek.
De rechtbank kende een materiële schadevergoeding toe van € 11.444,50, zijnde een kwart van het gevorderde bedrag, en een forfaitaire immateriële vergoeding van € 315 voor de drie dagen vrijheidsbeneming. Een hogere immateriële vergoeding werd afgewezen omdat de omstandigheden van de vrijheidsbeneming niet uitzonderlijk waren.
Uitkomst: De rechtbank kent een totale schadevergoeding van € 11.759,50 toe wegens PTSS en arbeidsongeschiktheid veroorzaakt door de inverzekeringstelling.