ECLI:NL:RBDHA:2021:10038
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling te nemen. Dit besluit is gebaseerd op de verantwoordelijkheid van Frankrijk voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker heeft beroep ingesteld en tegelijkertijd om een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 26 augustus 2021 behandeld, waarbij verzoeker niet aanwezig was wegens verhindering. De gemachtigde van verweerder was wel aanwezig.
De voorzieningenrechter verwijst naar de uitspraak in de gerelateerde zaak NL21.12805 en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is afgewezen.