ECLI:NL:RBDHA:2021:10141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
De eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank overweegt dat de eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het Duitse asiel- en opvangsysteem structurele gebreken vertoont of dat er een reëel risico op indirect refoulement bestaat. De medische klachten van eiser zijn niet voldoende onderbouwd met objectieve gegevens, zodat de vereiste bijzondere ernst van zijn gezondheidstoestand niet is aangetoond.
De rechtbank volgt de Staatssecretaris in het vertrouwen op het interstatelijk vertrouwensbeginsel en concludeert dat geen aanleiding bestaat om af te wijken van de Dublinverordening. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.