ECLI:NL:RBDHA:2021:10420
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening afwijzing sluiting woning wegens drugshandel
De burgemeester van Gouda besloot tot onmiddellijke sluiting van een woning voor zes maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet, nadat de politie een heroïneversnijdingsruimte aantrof met ruim 12,5 kilogram heroïne en ruim 14 kilogram versnijdingsmiddel, een vuurwapen en contant geld.
De huurder van de woning betwistte de noodzaak en evenredigheid van de sluiting en voerde aan dat er geen bewijs was van drugshandel, geen recidive of overlast, en dat de sluiting ernstige gevolgen zou hebben voor zijn gezondheid en werk.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de omvang van de drugsvoorraad, de aanwezigheid van een opschrijfboekje met internationale aanduidingen, het vuurwapen en de informatie over criminele bezoekers voldoende aanwijzingen zijn voor beroepsmatige drugshandel. De huurder kon redelijkerwijs op de hoogte zijn van deze activiteiten.
De sluiting werd als noodzakelijk en evenredig beoordeeld, waarbij de gevolgen voor de huurder onvoldoende zwaarwegend werden geacht om af te wijken van het besluit. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen omdat de sluiting noodzakelijk en evenredig is.