Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
uitspraak van de voorzieningenrechter voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen
[Naam], verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke procedure betreffende vreemdelingenrecht heeft de verzoeker, vertegenwoordigd door mr. E. Köse, een verzoek ingediend bij de voorzieningenrechter om te bepalen dat de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de uitzetting van verzoeker zou moeten opschorten totdat op het lopende beroep zou zijn beslist.
De voorzieningenrechter heeft overwogen dat het verzoek gebaseerd is op de procedure met zaaknummer AWB 21/641, maar dat op 2 september 2021 reeds op dat beroep is beslist. Hierdoor is er geen grond meer om de gevraagde voorlopige voorziening te treffen.
Gelet hierop is het verzoek kennelijk ongegrond en is het afgewezen. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter K.M. de Jager en openbaar gemaakt op 20 september 2021.
De zaak betreft een standaard afwijzing van een verzoek om schorsing van een bestuursrechtelijke maatregel in het vreemdelingenrecht, waarbij de rechter geen aanleiding zag om de uitzetting op te schorten omdat de hoofdzaak reeds was afgedaan.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de uitzetting wordt afgewezen omdat het beroep reeds is beslist.