ECLI:NL:RBDHA:2021:10956
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Behandeling beroepschrift als bezwaarschrift wegens ongeschiktheid rechtstreeks beroep
Eiser heeft een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het splitsen van een woning in twee afgewezen gekregen door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Tegen dit besluit maakte eiser bezwaar en verzocht vervolgens met instemming van verweerder om het bezwaar als rechtstreeks beroep bij de rechtbank te behandelen.
De rechtbank stelde vast dat er nog geen uitputtende gedachtewisseling tussen partijen had plaatsgevonden en dat de zaak meerdere feitelijke en juridische vragen bevatte, zoals de vergunningplicht en parkeernormen. Hierdoor is de zaak niet geschikt voor rechtstreeks beroep.
De rechtbank concludeerde dat verweerder ten onrechte had ingestemd met het rechtstreeks beroep en bepaalde dat het beroepschrift als bezwaarschrift moet worden behandeld. Tevens werd verweerder verplicht het betaalde griffierecht van €181,- aan eiser te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.C. de Winter en griffier L.F.A. Bouwens-Bos op 16 juli 2021. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken.
Uitkomst: Het beroepschrift wordt als bezwaarschrift behandeld en het griffierecht wordt aan eiser vergoed.